Een kritische analyse door de universiteit van Luik van
de studie van het “Wuppertal Institute” en van het “Max-Planck-Institute” over
de bijdrage van Russisch aardgas op het broeikaseffect bevestigt de resultaten
van de studie van RDC Environment.
De Duitse onderzoekinstellingen ‘Wuppertal Institute’ en
‘Max-Planck-Institute’ publiceerden op vraag van E.ON Ruhrgas AG (Duitsland) in
februari 2005 een studie over de emissies tijdens het internationale transport
van Russisch aardgas. Deze emissies zouden minder aanzienlijk zijn dan tot nu
toe werd aangenomen. Cedicol, het informatiecentrum voor vloeibare brandstoffen,
heeft aan de Universiteit van Luik gevraagd om dit rapport en zijn conclusies te
analyseren. Daarnaast vroeg het deze Universiteit ook om na te gaan of de
conclusies van de studie van RDC Environment van 2004/2005 over de
broeikasimpact van de twee soorten brandstof aangepast moeten worden als de
gegevens van deze Duitse studie in rekening worden gebracht.
De impact van de broeikasgassen tijdens de stappen voor
de verbranding
De toekomstgerichte studie die door RDC Environment uitgevoerd
en door Informazout aangevraagd werd, bestudeerde de energiebalans en de
uitstoot van broeikasgassen gedurende de volledige levenscyclus van aardgas en
stookolie voor huishoudelijke verwarming. Deze studie bracht de omvang van de
uitstoten tijdens de stappen voorafgaand de verbranding in kaart en drukte deze
in cijfers uit. Gedurende de volledige levenscyclus bedraagt de uitstoot voor
stookolie 14 % en voor aardgas 31 %. Ook wat betreft de benodigde energie om
België van deze twee fossiele brandstoffen te voorzien, was het verschil
aanzienlijk. Voor de productie van een zelfde eenheid warmte heeft aardgas 7 %
meer primaire energie nodig dan stookolie.
De conclusies van de RDC-studie werden door de
Universiteit van Luik op kritische wijze geanalyseerd
- Het rapport van de Universiteit van Luik toont op basis van
deze twee studies aan dat de twee filières gelijkaardige resultaten vertonen en
dat de verschillen tussen de filières kleiner zijn dan de onzekerheid van de
gegevens.
- De overstap van een verwarming op stookolie naar een
verwarming op aardgas vermindert de uitstoot van broeikasgas niet
Over het
algemeen zijn de verschillen tussen de twee filières (aardgas/stookolie) niet
significant genoeg om één van de twee op basis van het broeikaseffect uit te
sluiten of een voorkeur te geven.
- Wat aardgas betreft draagt de uitstoot - als gevolg van de
stappen die de verbranding vooraf gaan - aanzienlijk bij tot het broeikaseffect.
In alle scenario’s is de onrechtstreekse uitstoot voor aardgas groter dan
voor stookolie. Dit heeft te maken met de methaanlekken tijdens het transport
van het aardgas (1/3), maar nog meer met de energie die nodig is voor dit
transport (2/3). Er bestaan verschillende mogelijkheden om het aantal lekken, in
onder andere Rusland, te beperken, maar de mogelijkheden om de
energie-efficiëntie van het transport van aardgas over lange afstand te
verbeteren, zijn niet duidelijk.
- De verdeling in de tijd van de invloed van de uitgestoten
broeikasgassen is voor stookolie stabiel en voor aardgas sterker geconcentreerd
tijdens de eerste 45 jaar.
De invloed van de emissies van broeikasgassen
voor de filière aardgas is sterker geconcentreerd in de eerste jaren. De
gegevens in de Duitse studie liggen lager dan die van de RDC-studie en de
tendensen zullen zich waarschijnlijk eerder omkeren.
- Het gebruik van hoogrendementsketels brengt een aanzienlijk
lagere uitstoot van broeikasgassen met zich mee, in tegenstelling tot het
veranderen van brandstof.
Deze bewering blijft waar. Bovendien leidt de
vermindering van het energieverbruik tot een vermindering van de uitstoot van
broeikasgassen vanaf de ontginning.
- Er bestaat een grote onzekerheid over sleutelgegevens: de
gasverliezen (methaan) van de Russische gasindustrie, in het bijzonder tijdens
het transport.
De minder betrouwbare gegevens die beschikbaar zijn voor de
Russische industrie worden in beide studies benadrukt. De transportafstand vanaf
de ontginningsplaats tot in België is op dit moment niet goed gekend. De
methaanlekken en de uitstoot van CO2 verbonden aan het transport van aardgas
zijn echter evenredig met deze transportafstand. Daarom is deze parameter wel
degelijk belangrijk en zou hij dan ook zeker goed moeten worden geëvalueerd,
zelfs als de meting van transportafstanden in een vermaasd en geïnterconnecteerd
net niet evident is.
Globaal en over een periode van 100 jaar is de invloed van de uitstoot van
broeikasgas “gemiddeld” identiek voor de filière aardgas en voor de filière
stookolie wanneer de hypothesen van de RDC-studie worden gebruikt voor het
Russische aardgas. Wanneer de hypothesen van de studie van het ‘Wuppertal
Institute’ en ‘Max-Planck-Institute’ worden gebruikt, behaalt de filière aardgas
een bijna gelijkaardig resultaat. De studie van de Universiteit van Luik besluit
dat de verschillen tussen de filières aardgas en stookolie niet significant
genoeg zijn om één van deze twee filières op basis van de uitstoot van
broeikasgas uit te sluiten of te bevoordelen.
De verschillende studies kunnen volledig geraadpleegd worden op
internet, op de volgende adressen: